Een hand die een gouden kroon omhoog houdt. Er omheen dwarrelen gouden sparkles. Daarnaast staat in gouden letter: Gekroond door Hem om Hem te kronen.

Jesaja 28:5 Op die dag zal de Heer van de hemelse machten de sierlijke kroon zijn, de prachtige krans voor wie er van zijn volk nog over zijn. ‘

In de tijd van deze profetie zocht Juda militaire steun bij Egypte en stelde daarmee haar vertrouwen niet op God ’s bescherming. In het begin van Jesaja 28 zien we hoe de profeet Gods volk waarschuwde voor deze keuze en de inwoners van Samaria wees op hun eigenwijsheid om niet naar God te gaan. Door deze focus was haar stadsmuur de kroon van haar trots geworden. Deze muur was indrukwekkend, omdat deze ver boven het landschap uitstak en daardoor van ver al duidelijk zichtbaar was. Maar Jesaja vergelijkt deze ‘kroon’ met een bloem die opkomt maar snel weer verwelkt. De glorie van deze muren en daarmee van de stad zal door haar vertrouwen op Egypte verloren gaan. De vijand die Juda wil aanvallen wordt in deze profetie vergeleken met een hevige wervelwind en een kolkende watermassa. De profeet geeft daarmee aan dat Juda door haar vijand onder de voet gelopen zal worden. Het zal met de stad gaan als met een rijpe vijg die door iemand opgemerkt wordt en met één hap wordt opgegeten. Zo zal de vijand de stad met grote snelheid vernietigen.

Maar als Juda besluit om op God, de Heer van de hemelse machten, te vertrouwen dan zal haar toekomst anders verlopen. Niets of niemand anders dan God alleen zal dan voor zijn volk een sierlijke kroon en een prachtige krans zijn. Hij zal haar dan zegenen met autoriteit en met de overwinning, door de getrouwe strijders van Zijn volk met Zijn kracht en heerlijkheid bij te staan. Hierdoor zullen zij de binnengedrongen vijand terugdringen en de stad uit jagen. Maar deze zal alleen plaats vinden als Juda besluit om voor haar redding en toekomst op God te vertrouwen.

Dit ingrijpen van God zal ook een geweldige transformatie van Zijn volk te weeg brengen. Want deze verbondenheid met God zal de rollen vervolgens omdraaien.

In hoofdstuk 62 spreekt de door God beloofde Messias tot het volk van God. Hij belooft dat Hij niet zal ophouden te roepen tot het volk, zolang zij nog verdrukt wordt en de belofte van het herstel van Gods volk nog geen werkelijkheid geworden is. De Messias zal pas zwijgen als Gods volk Gods gerechtigheid als een lichtglans draagt, en de fakkel van Gods redding te midden van haar mensen brandt. Eerst werd de Naam van God door het leven van Zijn volk onder de volken gelasterd, maar dit verandert als Gods volk door het ingrijpen van de Gezalfde vernieuwd wordt, waardoor de volken op aarde de gerechtigheid en heerlijkheid van Gods volk zullen bewonderen. Doordat de schoonheid van God door het ingrijpen van de Messias zo sterk van Gods volk zal afstralen, openbaart Jesaja wat dit van Gods volk gemaakt heeft.

Jesaja 62:3 Je zult een sierlijke kroon zijn in de hand van de Heer, en een koninklijke tulband in de hand van je God.

Gods volk is “een sierlijke kroon” en “een koninklijke tulband” in de handen van God geworden.
De “kroon” wordt gedragen door een koning en maakt ons zijn waardigheid zichtbaar. Door het herstel van Gods volk wordt Gods koningschap, door de heerlijkheid die van haar afstraalt, voor de volken in de wereld zichtbaar. Deze zullen door de glorie van Zijn volk overtuigd worden van de grootheid van Zijn Koningschap.
De koninklijke tulband verwijst naar de tulband van de hogepriester. Deze had als taak Gods volk met God in verbinding te brengen.
Hier wordt dus het beeld geschilderd, dat Gods volk door haar vernieuwing een uitnodiging van God voor de volken in de wereld geworden is.  Het doel hiervan is dat die volken net zoals Gods volk een nieuwe relatie met Hem aangaan.
De kroon en tulband worden in deze profetie gezien in de handen van God. De hand is in de bijbel een beeld voor iemands handelen. Dit laat zien dat het handelen van Gods volk, God als koning Kroont en Gods genade aan de mensen in hun omgeving openbaart.

Jezus voerde deze twee functies onder de mensen op een volmaakte manier uit. Na Zijn hemelvaart heeft hij deze functies aan ons toevertrouwd. Jezus heeft ons, door Zijn toewijding aan ons, tot koninklijke priesters gekroond. Hierdoor kunnen wij Hem uit dank kronen met onze toewijding aan Hem.